Imitatio Ornithologica (deel 1)

image

In de vroege ochtend van 20 maart 2014 vloog een mannelijke Zilvermeeuw weg van zijn nest op de zuidpunt van Texel. Een GPS-apparaatje op zijn rug legde de tocht vast (zie foto boven). In de loop van de middag keerde hij terug in zijn broedkolonie, na een tocht die reikte tot in Amsterdam-West. Een duizelingwekkende prestatie. Maar waarom zou je als vogel zo ingewikkeld doen? Dichterbij kun je toch ook voedsel halen? En hoe oriënteerde het dier zich over zo’n afstand? In een poging meer vat te krijgen op dit soort vragen, besloot ik de route van die 20e maart zo precies mogelijk te herhalen. Dat bleek echter een ingewikkelde klus te zijn. Waar de vogel er een half dagje over deed, kostte deze Imitatio Ornithologica, te voet en op de fiets, gehinderd door grillig lopende wegen, weilanden, hekken, verbodsborden, watermassa’s, noodweer en een keur van belevenissen uiteindelijk vijf dagen.

De Zilvermeeuw is een verre van geliefd dier. Mensen vinden dat hij brutaal is, de boel onderpoept, onze mosselkolonies aanvreet, vuilniszakken opentrekt, nestelt op platte daken in de steden en ons daar te vroeg wakker maakt. Mooi zingen kan hij ook al niet. Zijn gekrijs, gemiauw, geblaf en spottend gelach tarten ons muzikaal gevoel. Het gevolg is dat er, soms letterlijk, strijd gaande is tegen dit dier. Gespecialiseerde bedrijven helpen deze anti-nachtegalen te verdrijven en in sommige gemeenten riskeer je een boete als je ze voert.

Op een mooie zomerdag in augustus vertrek ik naar de broedkolonie waar, in het voorjaar, zo’n 5000 paartjes nestelen. Fiets mee in de trein, van Haarlem naar Den Helder. Op de boot naar Texel heerst een uitgelaten vakantiedrukte. Vrolijke, opgeruimde mensen. Ik nestel me in het restaurant en blader, ter voorbereiding op mijn queeste, door mijn vogelgids … het determineren van meeuwen blijft een ingewikkelde zaak. De mannetjes en vrouwtjes lijken sterk op elkaar en tegelijk zijn er grote verschillen tussen de volwassen dieren en de kleintjes (juvenielen), met hun patroon van bruine vlekken. En om het nog eens complexer te maken zijn de jeugdstadia van Zilvermeeuwen en Kleine Mantelmeeuwen nauwelijks van elkaar te onderscheiden.

Ik sla de twee 1:50.000-kaarten van Noord-Holland open en tuur naar de GPS-tracks die ik er met potlood zo precies mogelijk op heb aangegeven. Wat een tocht is dat toch geweest! Vooral dat verste punt in Amsterdam-West intrigeert. Daar kwam hij niet alleen op die 20e maart, maar ook in het jaar ervoor, in 2013, maar liefst 37 keer. Dat kan geen toeval meer zijn … waarschijnlijk had hij die dag bij zijn vertrek het keerpunt bewust voor ogen!

Ik volg de licht golvende lijn die hij maakte en vraag me af hoe hij zijn richting wist te vinden. Puur op geheugen? Of gebruikte hij één van de strategieën die voor vogelnavigatie zijn beschreven: visuele kenmerken in het landschap (rivieren, kanalen, kustlijnen, snelwegen), zonnestand, polarisatiepatroon van zonlicht, windrichting, aardmagnetisme, inwendige klok, laagfrequent geluid (zoals golven aan de kust), geuren? Een definitief antwoord is, zeker voor deze soort, niet te geven. Een alomvattende theorie over vogelnavigatie bestaat nog niet.

Het Marsdiep is niet zo breed, dus we zijn er al. Ronkend en walmend braakt de boot zijn autodekken leeg. Gelukkig kan ik snel linksaf, de meute achter me latend, naar Den Hoorn, met zijn van verre herkenbare witte kerktoren. Ik rijd de lange dorpsstraat door, in de richting van de zee. Vlak voor de strandopgang sla ik linksaf en kom via een onverhard pad in de Kelderhuispolder, waar in het voorjaar de broedkolonie ligt. Maar in de buurt van het vertrekpunt kom ik niet. Het terrein is te ruig en je mag het pad niet af. Vanaf een duintop schat ik, grofmazig, de locatie in. En dan … tja … het is wat sullig … zit mijn verblijf op Texel er al op. Want op die 20e maart vertrok mijn meeuw linea recta naar zee om pas onder Den Helder aan land te gaan. En zo komt het dat ik, anderhalf uur na de heenreis, weer op de boot zit … mijn kortste verblijf ooit op Texel … zonde … gelukkig maakt het grootse, panoramische uitzicht vanaf het buitendek veel goed. Verderop in de Noordzee licht een zandstreep geel op. Dat moet Noorderhaaks zijn, die onbewoonde, wandelende zandplaat waar mijn meeuw overheen vloog. Maar meer kom ik over hem niet te weten. Vooralsnog blijft hij een tamelijk anoniem wezen.

Weer braakt de boot zich leeg. Wat een geploeter eigenlijk, al dat vakantieverkeer, al die volgestouwde auto’s, caravans en campers. Dat doet zo’n meeuw toch een stuk handiger, met slechts een lichtgewicht GPS-tracker op zijn rug!

In Den Helder sla ik direct rechtsaf, de zeedijk op, waar je riant overheen kan fietsen. Bij de knalrode vuurtoren van Den Helder, de Lange Jaap, voeren een oudere man en vrouw een groep vogels. Zilvermeeuwen! Het lijkt wel alsof het tafereel speciaal voor mij in scène is gezet, als een startschot voor mijn Imitatio. Deze kans laat ik niet lopen … ik stap van mijn fiets en ga op een paar meter afstand zitten.

De man kijkt me onderzoekend aan.
Ik breek het ijs met een open deur: ‘Voert u meeuwen?’
‘Elke week!’ zegt hij triomfantelijk.
Boterham na boterham werpt hij naar de kluwen vogels. Gekrijs, gekift, gevecht. Meeuwen zijn echte lawaaipapegaaien! Na de derde broodzak volgt wat hij ‘het toetje’ noemt: oude krentenbollen. ‘Die lusten ze óók … echt … ze vreten werkelijk alles!’
Zijn vrouw vult aan: ‘De jonkies zijn zo zielig … die worden weggedrukt door de grote … kijk maar …’ Ze werpt een boterham naar een juveniel die, inderdaad, kansloos is. ‘Weet u, meneer … ze blijven maar dooreten!’
Inderdaad, denk ik, voor Zilvermeeuwen is het nooit genoeg. Omnivoren zijn het. Ze eten vissen, insecten, mosselen, wormen, eieren van andere vogels, plantaardig materiaal en, voor meer dan 30%, afval (vaak afkomstig van vuilnisbelten). Dat ze maar dooreten is waarschijnlijk uitdrukking van het oorspronkelijke leven dat ze hebben of hadden. De meeste meeuwen nestelen namelijk in een gebied dat elk moment door de elementen kan worden weggevaagd. Daarom kun je als meeuw maar beter alles opeten wat voor je poten terechtkomt.

De vrouw schudt haar laatste zak leeg en het klopt: alles gaat op. Ze kijkt me taxerend aan en wil iets zeggen, maar slikt haar woorden in. Misschien, zo zie ik haar denken, ben ik wel één van die meeuwenhaters, of een opsporingsambtenaar die een bekeuring gaat uitdelen. Maar uiteindelijk draait ze zich naar me toe en zegt, op licht verontschuldigende toon: ‘Die beesten hebben zichzelf toch niet gemaakt?’
Verderfietsend mijmer ik over deze ogenschijnlijk simpele, maar tegelijk diep-filosofische uitspraak. Want de vrouw raakt een fundamenteel thema aan: de wil en het recht om te leven. En ik neem een besluit: mijn meeuw krijgt een naam. Moeilijk is dat niet. Ik gebruik gewoon het eerste deel van zijn Latijnse soortnaam: Larus argentatus.

Larus.

Klinkt best goed.

Na een paar kilometer kom ik bij de plek waar Larus aan land is gegaan. Ik neem het fietspad achter de hier zo smalle duinenrij. Het aanpalende natuurgebied heet de Grafelijkheidsduinen, ingedijkte restanten van twee voormalige Waddeneilanden. Ik taxeer het terrein. Ja, ik kan me wel voorstellen dat hij hier aan land is gegaan. Want, hoewel meeuwen zeewater drinken, prefereren ze zoet water en dat is hier overvloedig aanwezig.

Het fietspad door de duinen valt voor ongeveer achttien kilometer samen met de tocht van Larus. Ik kan vaart maken. Mijn fiets ratelt tevreden en volgt soepeltjes zelfs een serie fietsknooppunten: 05, 08, 94, 12 en 26. Ik visualiseer Larus, boven me vliegend. Inmiddels is hij geen anoniem dier meer, eerder een gids die me de weg wijst, want hij ziet veel meer, vanuit de lucht: de horizon, het flikkerende licht op het zeewater en de strekdammetjes met zijn favoriete, eiwitrijke mosselen eraan vast.

Bij Callantsoog stokt de tocht. Larus heeft lak aan wat wij, vleugellozen, aan infrastructuur hebben aangelegd. Ik besluit te pauzeren om nog eens goed op de kaart te kijken. Ik rijd het centrum van het dorp in en ga zitten op een bankje tegenover een DA-drogist met een inpandige speelgoedwinkel genaamd Top Toys. In de verte maakt een zomerkermis lawaai. Om me heen roezemoest het gezellig op de terrassen. De mensen eten, drinken, drentelen, keuvelen, dromen hun zomer. Belangrijkste voertaal: Duits. Het raam van een snackbar schreeuwt een voordeeltje: ’Om mee te nemen: zak patat met 4 snacks en 1 saus naar keuze. Slechts 11 euro!’ Kortom: ideale plek voor zilvermeeuwen, die wel van gefrituurde waar houden … ik kijk omhoog … en inderdaad … daar zitten ze … daar … en daar … overal … op puntdaken, lantaarnpalen, balkonnetjes, schoorstenen. En maar kijken, loeren, de kop draaien, totdat iemand per ongeluk iets laat vallen. Nergens zitten ze gezellig naast elkaar, zoals zwaluwen of spreeuwen dat kunnen doen, altijd houden ze gepaste afstand van elkaar. Tegelijk werken ze ook samen, door waarschuwend te krijsen als ergens iets te halen valt. Zilvermeeuwen zijn conculega’s van elkaar. Zo zijn ze tijdens de broedtijd (meestal) kolonievormend maar verdedigen daarbinnen met groot fanatisme het eigen nest. In dezelfde periode leven ze monogaam, daarna waaieren ze individueel uit over het land om in het nieuwe broedseizoen weer samen te komen met hetzelfde mannetje of vrouwtje. Zilvermeeuwen hebben een uiterst breed gedragsrepertoire.

Voorbij Callantsoog volgt Larus nog een paar kilometer de kustlijn van het natuurreservaat Zwanenwater. Daar loopt echter geen fietspad doorheen. Ik besluit de rondwandeling door het gebied te maken, in een poging hem zo te naderen. Maar dat lukt slecht, want het fraaie gebied is grotendeels ontoegankelijk. De vele vogels in verte, op en rondom twee meren, zijn niet groter dan stippen. Knap eigenlijk wat Larus doet! Eerst scharrelt hij nog tussen de toeristen in Callantsoog, niet veel later is hij dier onder de dieren in het Zwanenwater.

Terug bij de fiets, besluit ik op Sint Maartenszee aan te koersen. Binnen de route is dat een markant punt, want hier verlaat Larus de kustlijn om landinwaarts te trekken. Dat doet hij overigens vlakbij bij de kernreactoren van Petten. Defecte stralingsmeters en haperende waarschuwingssystemen deren hem niet. Hij kiest zijn eigen weg.

Voor de zoveelste keer tuur ik naar de topografische kaart. En dan valt me iets op: vanaf het moment dat hij de kuststreek verlaat, vliegt hij in een vrijwel rechte lijn naar het keerpunt in Amsterdam. Dat doet hij echter niet in een wiskundig rechte lijn, maar in licht golvende bewegingen waar mijn asfalt hoekig en amechtig omheen zigzagt. De complexiteit van de tocht dringt zich aan me op. Lichtelijk ontmoedigd besluit ik er voor vandaag een punt achter te zetten. Bovendien vordert de avond en ik moet ook nog naar het dichtstbijzijnde treinstation, Schagen. In het donker rijd ik mijn straat in, met het besef dat dit project veel langer gaat duren dan ik van tevoren had ingeschat. Ik ben nog niet eens in Alkmaar …

Voor het slapen gaan herhaal ik in gedachten de afgelegde route. Het zo vertrouwde Noord-Hollandse landschap heeft voor mij een ander gezicht gekregen. Dat krijg je als je met dierenogen gaat kijken. En nee, zo dringt het aan me op, het klopt niet wat mensen over meeuwen zeggen. In de stad zien ze een brutaal exemplaar bij een snackbar of afvalbak en maken vervolgens een karikatuur, door hem af te schilderen als een decadente, opportunistische rover die uit de ruif van onze obese wegwerpmaatschappij vreet. Maar mijn Larus is niet vraatzuchtig, noch mateloos. Hij is onderweg om voedsel te halen voor de hongerige jonkies op zijn Texelse nest!


Klik hier voor deel 2

De GPS-track van de Zilvermeeuw is afkomstig van http://www.vogelhetuit.nl.

2 gedachtes over “Imitatio Ornithologica (deel 1)

    1. Frans Olofsen

      Hij deed dat solitair. Zilvermeeuwen zijn alleen samen tijdens de broedtijd, met steeds hetzelfde mannetje of vrouwtje. In die periode leven ze meestal in een kolonie, maar vliegen van daaruit individueel uit om voedsel te zoeken. Ook na de broedtijd zwermen ze individueel over het land uit. In het nieuwe broedseizoen gaan ze terug naar de kolonie, waar ze dan weer hetzelfde mannetje of vrouwtje opzoeken …

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s